Showing posts with label sprookje. Show all posts
Showing posts with label sprookje. Show all posts
Monday, May 20, 2013
Een droevig spookje
Posted by
Unknown
at
4:21 AM
Labels:
2010,
eigen tekening,
Halloween,
jeugdpoëzie,
kasteel,
publicatie,
spook,
sprookje,
verdriet
0
comments
Tuesday, January 29, 2013
De Schone en de Koningin
De Schone en de Koningin
.
In een land waar niemand komen kan
verborgen achter hoge bergen
woonde de allermooiste man
tezamen met een hoopje dwergen
hoeveel precies, dat zeg ik niet
alzo voorkom ik plagiaat
maar telkens hij het huis verliet
dan volgden zij hem door de straat
door bossen heen, langs lindelanen
voorbij de huizen en kastelen
zij waren – zo zeiden zij – kompanen
en wilden alles met hem delen
kwam hij een maagd of jonkvrouw tegen
of als er een prinses verscheen
dan kwam dat altijd ongelegen
want nooit was hij een keer alleen
nochtans was hij heel felbegeerd
zelfs stiekem door de koningin
een heks was zij, geraffineerd
ze was iets vreselijks van zin
een plan had zij, ze zou verschijnen
als klein krom vrouwtje, oud van jaren
en met een mandje mandarijnen
die allemaal betoverd waren
wie daar van eten zou, die werd alras
duizend keer kleiner dan tevoren
en ze wist, dat wat oranje was
door dwergen zeer werd uitverkoren
daar stond ze dan, de toverkol
en belde bij de dwergen aan
ze bood hen hartelijk haar mandje vol
met mandarijnen en één banaan
de dwergen namen één voor één
een mandarijntje uit de mand
maar op het laatste was er geen
voor de mooiste man van heel het land
voor hem restte enkel de banaan
en wie die zou verslinden
(want ook daar hing een betovering aan)
zou zich eeuwig aan de koningin verbinden
en zo geschiedde, de dwergen aten
heel gulzig snel hun mandarijnen
en niets of niemand kon nog baten
hij zag hen gaandeweg verkleinen
nog kleiner zelfs dan een insect
de mooie man, heel aangedaan
hoopte op een omgekeerd effect
als zij zouden eten van zijn banaan
maar terwijl ze die banaan verslonden
werd door die andere toverspreuk
hun lot voor eeuwig aan de koningin verbonden
en zo kreeg het mens voor altijd jeuk!
© bert deben
Antwerpen, vrijdag 4 januari 2008 (7 eerste strofen) - afgewerkt te Vogelwaarde, dinsdag 29 januari 2013.
afbeeldingen uit de film 'Snow White & the Huntsman'
read more
Tuesday, December 18, 2012
Het Badkonijn (een kerstverhaal)
Posted by
Unknown
at
9:14 AM
Labels:
2005,
dieren,
eenzaamheid,
kerstmis,
lightverse,
smetvrees,
sprookje
0
comments
.
Het Badkonijn
(een kerstverhaal)
Een badkonijn in de Jordaan
kocht schuurborstels bij massa aan
en schuurde die er driftig door
met liters zeep en bussen chloor
zo poetste het de tanden
de vloer, plafond en wanden
de poten, staart en ieder oor
en net als elke dag ervoor
ging het ook nog drie uur lang te bad
omdat het vrees voor vlekken had
tot dat het op de dag voor Kerst
alweer het water had ververst
om nog een extra uurtje lang
te bad te gaan bij kerkgezang
doch toen viel met een grote krak
de Kerstman binnen door het dak
met rendieren en arrenslee
en gans de zoldering viel mee
het badkonijn van tussen puin
bekeek de Kerstman ietwat schuin
en vroeg bezorgd verbouwereerd
of hij zich soms niet had bezeerd
de Kerstman keek wat links en rechts
bekeek het beest en zei toen slechts :
“Hier moet ik duidelijk niet zijn
jij bent een vuil en vies konijn
ik neem jouw pakjes mee terug!”
en zo verdween hij net zo vlug
het badkonijn, het badkonijn
het wilde graag zo proper zijn
hygiënisch, netjes en verzorgd
nu restte hem slechts puin en pijn
en zo verliet het beest zijn huis
zijn pels nog grijs van stof en gruis
het hart verscheurd, de ziel gebroken
de vrieskou voelbaar in de knoken
maar plots zag toen het beest een licht
een beetje warmte in het zicht
een oude zwerver bij een vuur
n ook al leek de man onguur
hij gaf het beest wat stukjes brood
en warme schutting in zijn schoot
het werd getroost, het werd gestreeld
het laatste brood werd schaars gedeeld
en ook al was hij vies en goor
van afkeer was geen enkel spoor
het badkonijn sliep in een doos
die nacht, zo zacht en zorgeloos
en zonder smetvrees, zonder doel
doch vol van zuiver Kerstgevoel
maar ook de landloper was aangedaan
en dankbaar voor het slapengaan
want God aanhoorde zijn gebed:
Hij had konijn op het Kerstmenu gezet!
© bert deben
Antwerpen, maandag 14 november 2005, voor Peter.
tekeningen © Peter Verhaegen
tekeningen © Peter Verhaegen
.
read more
Friday, December 14, 2012
Roodkapje en de Wolf - Roald Dahl (Revolting Rhymes)
Posted by
Unknown
at
7:07 AM
Labels:
2012,
dieren,
klassieker,
lightverse,
ode aan,
Roald Dahl,
sprookje
0
comments
.
Roodkapje en de Wolf
(een lichtvrije vertaling van ‘Little Red Riding Hood and the Wolf’
van Roald Dahl uit ‘Revolting Rhymes’)
De Wolf die voelde zich wat slap
en verlangend naar een vette hap
klopte hij bij oma aan – ze zag
zijn scherpe tanden en zijn vieze lach
maar Wolfje vroeg lief: “Mag ik er in?”
ze was bang, maar desalniettemin
opende zij voor hem dan toch de deur
ze dacht: ‘Als hij mij nu maar niet verscheurt!’
Natuurlijk wel, van teen tot kop
at hij oma in één hap op!
maar oma was niet al te groot
de Wolf had aan meer voedingswaarde nood
hij rende door de keuken heen
en lachte toen plots heel gemeen:
hij zou hier wachten tot zo meteen
Roodkapje van uit het donkere bos verscheen!
Hij deed oma haar kleren aan (want moet je weten
die had hij natuurlijk níet opgegeten!)
haar kleedje aan, haar mooiste hoed
en daarna borstelde hij in overvloed
zijn haar tot een kapsel van een beter budget
en vleide zich neer op oma haar bed
na een tijdje kwam Roodkapje binnen
ze keek, ze staarde en sprak om te beginnen:
“Maar oma, wat hebt U grote oren!”
de Wolf fluisterde: “Dat is om beter te horen!”
waarna ze zei: “En zulke grote ogen!”
“Om beter te kunnen zien!” sprak de Wolf ingetogen
terwijl hij keek en liefdevol lachte
maar ondertussen hield hij wel in gedachte:
wat ziet ze er lekker en mals uit en eetbaar
na die taaie oma smaakt zij voorzeker als kaviaar!
Waarna Roodkapje plotseling zei:
“Maar oma, wat een mooie pelsmantel heb jij!”
“Hé, dat klopt niet!” riep de Wolf “Je bent vergeten
naar mijn grote tanden te vragen, om jou op te eten!”
Roodkapje grijnsde, en terwijl ze geen spier vertrok
haalde zij een revolver van onder haar rok
en schoot en schoot en schoot nog een keer
de Wolf, die viel toen steendood neer!
Wie haar tegenwoordig ziet
die gelooft bijna z’n ogen niet
ze is niet meer het Roodkapje dat ze jaren was
maar een chique dame nu, in een wolvenpelsen jas!
vertaling © bert deben
Antwerpen, dinsdag 11 december 2012.
het origineel:
Little Red Riding Hood and the Wolf
(Roald Dahl - ‘Revolting Rhymes’)
As soon as Wolf began to feel
That he would like a decent meal,
He went and knocked on Grandma's door.
When Grandma opened it, she saw
The sharp white teeth, the horrid grin,
And Wolfie said, ``May I come in?''
Poor Grandmamma was terrified,
``He's going to eat me up!'' she cried.
And she was absolutely right.
He ate her up in one big bite.
But Grandmamma was small and tough,
And Wolfie wailed, ``That's not enough!
I haven't yet begun to feel
That I have had a decent meal!''
He ran around the kitchen yelping,
``I've got to have a second helping!''
Then added with a frightful leer,
``I'm therefore going to wait right here
Till Little Miss Red Riding Hood
Comes home from walking in the wood.''
He quickly put on Grandma's clothes,
(Of course he hadn't eaten those).
He dressed himself in coat and hat.
He put on shoes, and after that
He even brushed and curled his hair,
Then sat himself in Grandma's chair.
In came the little girl in red.
She stopped. She stared. And then she said,
``What great big ears you have, Grandma.''
``All the better to hear you with,'' the Wolf replied.
``What great big eyes you have, Grandma.''
said Little Red Riding Hood.
``All the better to see you with,'' the Wolf replied.
He sat there watching her and smiled.
He thought, I'm going to eat this child.
Compared with her old Grandmamma
She's going to taste like caviar.
Then Little Red Riding Hood said, ``But Grandma,
what a lovely great big furry coat you have on.''
``That's wrong!'' cried Wolf. ``Have you forgot
To tell me what BIG TEETH I've got?
Ah well, no matter what you say,
I'm going to eat you anyway.''
The small girl smiles. One eyelid flickers.
She whips a pistol from her knickers.
She aims it at the creature's head
And bang bang bang, she shoots him dead.
A few weeks later, in the wood,
I came across Miss Riding Hood.
But what a change! No cloak of red,
No silly hood upon her head.
She said, ``Hello, and do please note
My lovely furry wolf skin coat.''
Roald Dahl.
read more
Saturday, February 5, 2011
De Kikker en de Koning, een sprookje over onbeantwoorde liefde en een kus ...
De Kikker en de Koning
Er zat, met hele grote kaken
een kikker gans de tijd te kwaken:
“Zoen mij, zoen mij, wees niet bang !”
zo kwaakte hij zijn klaaggezang
al dagen- en al nachtenlang
zonder ophouden of staken .
En bleef men kijken naar de kikker
dan maakte hij zichzelf nog dikker
en riep naar al wie naar hem wees
“Zoen mij, zoen mij, heb geen vrees !”
maar hoe hij kwaakte ook of gilde
er was niemand die hem zoenen wilde …
Men haalde er zelfs de koning bij
de kikker pompte fier en blij
zijn kaken als pompoenen dik :
“Zoen mij, zoen mij, heb geen schrik !”
De koning luisterde een ogenblik
maar lachte schuddend toen hij zei :
“Jij lijkt mij wel de volle maan,
ik zoen jou niet, geen denken aan !”
de koning met gevolg ging heen
de kikker bleef nu gans alleen …
Hij kon geen mens of dier bekoren
hij mocht de mens zelfs niet meer storen
dus bouwde men na lange duur
rond hem, een hele dikke muur
nog hoger dan een kerktoren
maar zonder vensters, zonder deur
hieruit ontsnapte zacht gezeur :
“Zoen mij, zoen mij, heb geen angst,
ikzelf ben ’t eenzaamst nog en ’t bangst …”
In de hoop, dat men hem toch zou horen
blies hij zich op als nooit tevoren
zijn kaken als een luchtballon
en groter nog, zelfs als de zon
en toen klonk over berg en dal :
“ZOEN MIJ, ZOEN MIJ !”
en dan :
“KNAL !”
waarna de mensen heel geschrokken
met z’n allen naar de toren trokken.
Er werd gehuild, er werd gerouwd
de toren die men had gebouwd
werd steen per steen weer neergehaald
de koning, die hem had betaald
brak mee de boel af tot de grond
’t was trouwens hij ook die hem vond :
de kikker, liggend tussen ’t puin
zijn hoofdje slap, een beetje schuin.
De koning zoende hem terstond !
toen opende de kikker weer zijn mond
en riep met dikke kaken fel :
“Zeg poetste jij jouw tanden wel !?!”
© bert deben
Turnhout, 23 februari 1999, voor Dana.
.
read more









